Tussen Kerst en Pasen


 

                     Redding door Kerst en Pasen.

Als er 100 jaar geleden een schip strandde en de bemanning zichzelf niet kon redden, was de enige manier om hen te helpen, dat er iemand van het strand met een lijn naar het schip werd gebracht. Deels met een reddingboot, maar soms ook nog een stukje zwemmend. Als dan de verbinding tussen het schip en het strand er eenmaal was, kon men vervolgens via een dikkere kabel de bemanning naar het strand in veiligheid brengen. Dus voor de redding waren er 2 stappen nodig: - iemand moest vanaf het veilige strand gaan naar de mensen in nood om een verbinding te maken - vervolgens kon de bemanning via die verbinding (kabel) in veiligheid worden gebracht. Zo handelde God ook toen Hij zag dat de mensen in nood waren. De mens tracht wel om zichzelf te redden, maar beseft helemaal niet dat hij zichzelf niet kon redden en dreigt volledig verloren te gaan. Misschien heb je het gevoel dat alles bij je prima is; totdat jouw levensschip plotseling strandt en je ontdekt dat er allerlei problemen en tegenslagen zijn. God kan echter veel duidelijker zien dat je situatie slecht is en je geestelijk leven gevaar loopt. Daarom heeft Hij iemand naar jou toegestuurd om je te redden. Daaraan denken we met het Kerstfeest, dat Jezus Christus geboren werd. Hij heeft alles overwonnen om bij je te kunnen komen en een verbinding te maken met God. Vervolgens geeft Hij je de mogelijkheid om gered te worden. Daaraan denken we met Goede Vrijdag en Pasen; toen Jezus Christus werd gekruisigd. Of je gered wil worden is wel een eigen keuze. Door te geloven dat Jezus alle belemmering tussen jou en God heeft weggedaan is er ook voor jou redding mogelijk. Een redding niet alleen maar voor dit huidige leven, maar ook voor de eeuwige situatie na je dood hier op aarde. In de Bijbel in het evangelie van Johannes 3 vers 16 staat het zo: Want zo lief heeft God de wereld (de mensen) gehad, dat Hij Zijn enige Zoon Jezus gestuurd heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft (die zijn vertrouwen op Hem stelt) niet